Ga rustig zitten. Kijk eens om je heen. Hoe is het licht? Vertellen je zintuigen je hoe laat het is, welke tijd van het jaar? Wat hoor je? Verkeer of vogels? Is het lekker warm, of zit je een beetje te kleumen? Of is het eigenlijk te warm, of te vochtig?
Hoe voel je jezelf? Fit, of een beetje minnetjes? Ben je relaxt, of voel je jezelf een beetje opgejaagd?
Hier is een moment voor jezelf.
Lees eerst het volgende verhaal:
De mythe van de motmensen
Vroeger leken mensen meer op insecten dan nu, en net zoals insecten hadden ze geen regels tegen incest. Het was daarom heel normaal dat naaste familieden samen kinderen kregen. Een van de clans uit die tijd was zelfs de Motten-clan genaamd – en binnen die clan huwde iedereen binnen de eigen familie, waar de liefde het sterkste is.
Volgens de Motten-mythe arriveerden op een gegeven moment moderne mensen en hun hun naïviteit besloten deze het voorbeeld van hun voorvaders, de motten, te volgen, in plaats van, net zoals andere mensen, broeders en zusters te verbieden met elkaar te trouwen.
Deze vroege mensen verzamelden zich op de top van een tafelgebergte en huwden al hun kinderen met elkaar, terwijl anderen naar de voet van de klif gingen om een groot vuur te stoken waarbij de gelukkige broeder-zuster koppels de hele nacht zouden kunnen dansen. Maar plotseling, net als bij motten, werden de jongelingen onverbiddelijk aangetrokken tot het vuur aan de voet van de klif. En masse sprongen ze over de rand, vielen in het vuur, en verbrandden.
Lees daarna dit gedicht:
Gedicht 88 - Catullus Wat richt hij aan, Gellius, die met moeder en zuster kietelt en en hun nachthemden weggooit? Wat richt hij aan, die zijn oom geen echtgenoot laat zijn? Weet je wel aan wat voor wandaad hij zich schuldig maakt? Aan iets, o Gellius!, dat noch de verst verwijderde Tethys, noch Oceanus, vader van de Nimfen, weer wegspoelt. Want er bestaat geen wandaad die deze grens overschrijdt, al zou hij met zijn hoofd voorover zichzelf pijpen. Luister daarna naar de volgende muziek:
